In ‘50 cent’ van Sarah Sylbing en Ester Gould zien we hoe Giovanni Bosman uit Amsterdam-Noord zijn zakgeld vooral uitgeeft aan gewelddadige videospelletjes en dito dvd’s. Giovanni heeft het niet breed, maar dat schijnt hem niet te deren.

Door Micha Peters

Hoe kwamen jullie Giovanni op het spoor?


‘Ester en ik werden in de zomer van 2007 gevraagd door de Stichting Public Amusement om een documentaire te maken. Deze stichting organiseerde toen haar eerste stadsexpeditie: Expeditie Noord, een kunstfestival dat verspreid over heel Amsterdam-Noord plaatsvond.

We moesten ons bij het maken van de documentaire houden aan drie voorwaarden: de film moest als thema de relatie arm-rijk belichten, hij mocht niet langer dan 30 minuten duren en de documentaire diende in de Vogelbuurt in Amsterdam-Noord te worden geschoten. We hadden verder alle vrijheid om te doen en laten wat we wilden.

Wij wilden geen film maken over de oorzaken waarom mensen in een armoedige situatie waren beland. Daarom kozen we er voor om een kind zijn verhaal te laten vertellen. Kinderen kunnen er niets aan doen of ze al dan niet in armoede leven. Uiteindelijk kwamen we via een speeltuinvereniging bij Giovanni uit.’

Het lijkt alsof Giovanni af en toe een beetje acteert voor de camera. Klopt dat?

‘Dat idee heb ik zelf helemaal niet. Het is gewoon een heel uitbundig jongetje, dat vaak spontaan mensen aanspreekt. Hij gedroeg zich buiten de opnames om in ieder geval niet anders dan tijdens het filmen.’

Hij heeft wel een opmerkelijke voorkeur voor gangsters en geweld…

‘Dat kun je wel zeggen ja. Zijn ouders schijnen daar ook verder geen probleem mee te hebben. Sterker nog: die kijken gewoon vrolijk met hem mee wanneer er weer eens een gewelddadige film op staat.’

Jullie werken zonder voice over. Een bewuste keuze?

‘Ja, we wilden alleen de scènes het centrale verhaal laten vertellen. Dat is een moeilijke vorm, omdat je behalve tekstkaarten geen hulpmiddelen hebt om dingen duidelijk te maken. We hadden er ook voor kunnen kiezen om bijvoorbeeld door interviews het verhaal te vertellen, maar die aanpak spreekt ons minder aan. In ons nieuwe project, met als werktitel De familie Bosman, maken we overigens wel gebruik van ondergestoken quotes. In dit vervolg op 50 cent zien we hoe de moeder van Giovanni, Catelijne, er alles aan doet om een nieuwe start te maken. Ze had op een gegeven moment schoon genoeg van alle drank, drugs en schulden. Wat we nu in De familie Bosman vooral duidelijk willen maken is dat, wanneer je eenmaal in de schuldsanering zit, waar Catelijne op een gegeven moment voor koos, je daar niet zomaar én, twee, drie uitkomt. Je verleden blijft je achtervolgen en ook de omgeving waarin je leeft laat je niet zomaar los.’

Kenmerkend aan die nieuwe start van Catelijne is dat ze enorm veel is gaan hardlopen. Dat brengen we vaak in beeld en dan kun je een kijker beter wat meer bij de hand nemen met bijvoorbeeld mooie uitspraken van Catelijne over haar verleden en haar verwachtingen van de toekomst.’

De muziek past opvallend goed bij de film….

‘Grappig dat je dat zegt, want die opmerking heb ik wel vaker gehoord. Maar de keuze voor de twee nummers van Racoon berust geheel op toeval. We waren op zoek naar muziek die de Britse arbeiderswijksfeer die er in Amsterdam-Noord hangt goed kon weergeven.

Toen de laatste opnames achter de rug waren en we nog aan de montage moesten beginnen, zaten we in de auto en pakte onze cameraman Frithjof Kalf volstrekt willekeurig een illegaal gekopieerde cd uit het dashboardkastje, zo’n cd zonder label of opschrift, en zette die op. Dat was dus een cd van Racoon. Toen we die hoorden keken we elkaar aan en hadden we onze keuze snel gemaakt.’